b, eind groep, groep 4, thema mens leeftijd relaties sport en spel, werken beroepen boerderij, woordenschat denkrelatie, woordenschat oorzaak gevolg middel doelt – woordenschat – beroepen – familie – 14p.
b, eind groep, groep 4, Thema vaardigheid knutselen kunst cultuur, woordenschat denkrelatie, woordenschat oorzaak gevolg middel doelt – sprookjesschat – sprookjes – wie is het? – 8p.
groep 5, midden groep, thema mens emoties en gedrag, woordenschat denkrelatie, woordenschat oorzaak gevolg middel doelw – mens – woordenschat gevoelens – 10p.
eind groep, groep 2, woordenschat denkrelatie, woordenschat woorden omschrijvent – raad het woord met een omschrijving – opdrachtkaarten – 7p.
groep 4, midden groep, woordenschat denkrelatie, woordenschat taalboekt – taalboek – gr4b – mix van oefeningen – 10p.
begin groep, groep 6, woordenschat denkrelatie, woordenschat woorden omschrijvent – quiz – omschrijf een woord zonder het woord zelf te gebruiken | de ander raadt – opdrachtkaarten – 6p.
eind groep, groep 5, woordenschat denkrelatie, woordenschat oorzaak gevolg middel doelt – (maak) een raadsel – toepassing – 13p.
eind groep, groep 5, woordenschat beeldspraak, woordenschat denkrelatiet – woordenschat – homoniem: de kop (van een hond, voor de koffie) – gr5. beeldvorming en toepassing – 20p
begin groep, groep 5, woordenschat denkrelatie, woordenschat woorden omschrijvent – woordenschat – raad het woord – opdrachtkaarten – 4p.
eind groep, groep 5, woordenschat denkrelatie, woordenschat oorzaak gevolg middel doelt – denkrelatie – oorzaak-gevolg – opdrachtkaarten en keuzerondjes – 7p
groep 3, midden groep, woordenschat beeldspraak, woordenschat denkrelatie, woordenschat woordsoort in thema mkmt – woordenschat – synoniem – met mkm-woorden – 12p.
groep 4, midden groep, woordenschat categoriseren, woordenschat denkrelatiet – deel het in – gr4 – 6p.
groep 6, woordenschat denkrelatie, woordenschat restgroept – denkrelatie – maak een verhaal | schrijf zinnen bij een foto – toepassing – 11p.
eind groep, groep 3, woordenschat categoriseren, woordenschat denkrelatiet – deel het in & kieskaart jas = kleding / hond = dier / bal = speelgoed 18p.
groep 4, midden groep, werken beroepen boerderij, woordenschat denkrelatie, woordenschat oorzaak gevolg middel doelt – denkrelatie – boerderij – waar / niet waar – 5p.
groep 4, midden groep, thema natuur dieren, woordenschat categoriseren, woordenschat denkrelatiet – deel het in – dier – 7p.
begin groep, groep 5, werken beroepen boerderij, woordenschat denkrelatie, woordenschat woorden omschrijvent – woorden omschrijven – bedenk 3 dingen bij: in huis, dier, vervoermiddel, beroep – 21p.
begin groep, groep 5, opdrachtkaarten, woordenschat denkrelatie, woordenschat oorzaak gevolg middel doelt – denkrelatie – als, dan heb ik ____ nodig – opdrachtkaarten – 2p
communicatie maak een samengestelde zin, groep 6, taal zin maak een zin, taal zin samengestelde zin, woordenschat denkrelatie, woordenschat restgroept – samengestelde zin – maak een zin met want, omdat, als, zodat – opdrachtkaarten – 5p.
eind groep, groep 5, thema mens voeding eten en drinken koken recepten, thema natuur dieren, woordenschat denkrelatie, woordenschat woorden omschrijvent – woorden omschrijven – vraag en draai om – dier/fruit – spelkaart – 5p.