Rekenen – klok en tijd – basisbegrippen

rekenen algemeen
Rekenen ruimte
Rekenen getal aantal en getalrij
Rekenen plussommen, minsommen, splitssommen
Vermenigvuldigen, delen, breuken
de klok en de tijd Basisbegrippen bij tijd Klokkijken Mix van vragen over de klok en de tijd
Geldrekenen
meten en wegen

Je dag

Dagindeling: ochtend middag avond nacht leerlijnenSO uit rekenen klokkijken alleen onderdeel ordenen gebeurtenissen

  • niveau 1: weet een etmaal is een dag en een nacht en koppelt dit aan licht en donker.
  • niveau 2: dag en nacht heeft vaste volgorde, gaat altijd door en koppelt activiteit
  • niveau 3: begrip: eerst, daarna, dan, straks, verschil dag en nacht
  • niveau 4: begrip: toen, vroeg(er), laat, later, eerder, vorige/volgende dag
  • niveau 4: begrip: ochtend, middag, avond, nacht, koppelt activiteit

t - woordenschat - tijd - nacht - knip&plak Werkbladen tijdsduur wat duurt korter, wat duurt langer, groep 4, groep 5, CED leerlijnen basisschool speciaal onderwijs


De dagen van de week – gisteren – morgen, seizoen, maand

hulp bij vertellen over het weekend basisschool speciaal onderwijsSO rekenen kalender-agenda

  • niveau 3: begrip: vandaag, morgen
  • niveau 4: maandag is gymdag, begrip: vorige/volgende dag, gisteren, in de winter is het koud
  • niveau 5: een week is 7 dagen, maandag, dinsdag, …
  • niveau 6: vandaag is maandag, morgen dinsdag, gisteren zondag
  • niveau 7: 1 maand ≈ 4 weken, volgorde seizoenen
  • niveau 8: begrip overmorgen, eergisteren, 1 jaar = 12 maanden
  • niveau 9: januari, februari…, 1 jaar = 52 weken = 12 maanden = 365 dagen , 1 maand ≈ 30 dagen, datumnotatie, datum feestdagen, (verjaardags)kalender

Je vindt meer documenten over de seizoenen bij de knop Thema > natuur > seizoenen.

kalender en agendagebruik r - tijd - de vier seizoenen