Werkvorm – buitenspeelboek

Dit buitenspeelboek is met een groep 5 uit het reguliere onderwijs gemaakt: buitenspeelboek - voorbeeld.

Doel:
De spelregels van de spelletjes die buiten gespeeld worden voor alle kinderen duidelijk maken.

Werkwijze:
Inventariseer met de klas welke spelletjes vaak gespeeld worden tijdens de pauze. Verdeel de klas in groepen en laat per groep een spel uitwerken.

1. Bedenk samen de regels en vul deze in op het bijgevoegde blad maak een buitenspeelboek .

2. Ieder groepje maakt losse tekeningen die bij het spel horen. Bekijk daarna hoe de tekeningen geknipt en geplakt kunnen worden tot 1 groepswerk.

3. Neem gekleurde vellen en perforeer bovenaan (de korte zijde van het papier) twee gaatjes. Doe er een touwtje doorheen en nu kun je bladen makkelijk omslaan. Perforeer onderaan de bladen één gaatje. Hieraan kun je het boek later in de klas ophangen. Dan krijg je dus twee bladen onder elkaar. (Natuurlijk kun je er ook een boek van maken).

4. Leg twee vellen onder elkaar. Op het bovenste vel wordt de tekening gemaakt en op het vel daaronder worden de regels geplakt. Wanneer je het vel met regels omslaat, dan staat op de achterzijde de tekening van het volgende spel.

5. Neem de spelregels per spel door en oefen het spel op de speelplaats. Dan kun je het spel eventueel nog aanpassen wanneer blijkt dat er teveel kinderen niet mee kunnen doen. 

Tip: hang het boek op als kalender in de klas en stimuleer per week een ander spel.